Provincie Gelderland hecht aan duurzame mobiliteit

Zo werken we aan een bereikbaar Gelderland

Slimme mobiliteit

Provincie Gelderland gaat voor slimme en duurzame mobiliteit. We benoemen vijf speerpunten die de komende jaren de bereikbaarheid, luchtkwaliteit en leefbaarheid in onze provincie moeten verbeteren. We willen bijvoorbeeld de vele kansen benutten die ITS en gedrag bieden. Ook gaan we nog beter samenwerken zoals ook staat in onze koersnotitie Slimme Mobiliteit.

Er wordt al volop aan duurzame mobiliteit gewerkt in de stedelijke netwerken en het programma Beter Benutten. Daarop wil provincie Gelderland dan ook verder bouwen. Maar wat zijn dan precies die lokale plannen voor mobiliteit, energie en luchtkwaliteit? De provincie heeft DTV Consultants gevraagd dit uit te zoeken bij zes gemeenten (Arnhem, Nijmegen, Ede, Wageningen, Apeldoorn en Lochem) en de provincie. DTV Consultants heeft hiervoor de evaluatiemethodiek van Sustainable Urban Mobility Plan (SUMP methodiek) gebruikt. “Door gebruik te maken van deze evaluatiemethodiek, vastgesteld door de Europese Commissie, kunnen we analyseren of en in hoeverre mobiliteitsbeleid voldoende duurzaam is”, vertelt Jessica van Hees, projectleider slimme mobiliteit en gedrag bij de Provincie Gelderland. “De analyse levert diverse aanknopingspunten op om het lokale en regionale beleid voor duurzame mobiliteit te versterken. Een lijst met speerpunten, waar we samen met gemeenten en stakeholders aan willen werken”:

1. Zet in op Intelligente Transport Systemen (ITS)                                   

ITS biedt volop kansen voor duurzame mobiliteit en een betere doorstroming op het wegennet. Zowel binnen als buiten de stad. Door ‘slimme verkeerslichten’ in te zetten, verkorten we de reistijd van deur tot deur en zorgen we voor minder uitstoot als gevolg van het optrekken van auto’s. We gebruiken daarvoor bijvoorbeeld de resultaten en ervaringen uit Talking Traffic. En ook andere innovaties in mobiliteit die op ons afkomen. Al deze ITS-kansen vertalen we in maatregelen binnen de programma’s voor energie, mobiliteit en luchtkwaliteit.

2. Ontwikkel kennis van gedrag en draag deze uit                           

Duurzame mobiliteit vraagt om ander gedrag van onder andere inwoners en werkgevers. Bijvoorbeeld de keuze voor de fiets in plaats van de auto. Om dit gedrag – ook op de lange termijn – te veranderen, moeten we weten welke wat werkt en wat niet. Deze kennis van gedrag willen we meer inzetten in de eigen organisatie en uitdragen naar gemeenten.

3. Monitor en evalueer                                                                        

Alleen door te monitoren en evalueren weten we of mobiliteitsmaatregelen effect hebben. Toch gebeurt dit nu nauwelijks in de praktijk, om allerlei redenen. Bij programma’s voor luchtkwaliteit en energie worden de effecten wél vaker gemonitord. De aanbeveling is dan ook om te verkennen welke instrumenten en data nu al worden gebruikt. En om inzichtelijk te maken hoe we deze voor eigen mobiliteitsprojecten kunnen inzetten, en wat er aanvullend nodig is. We willen monitoring en evaluatie vervolgens in de werkwijzen en processen verankeren.

4. Ga voor gezamenlijke, duurzame mobiliteitsplannen                             

De zes gemeenten en provincie zijn al goed op weg. Maar het kan nog beter. We willen gemeenten, werkgevers en andere partners dan ook verder uitdagen om duurzaam beleid te ontwikkelen. Bijvoorbeeld door ze te ondersteunen (met kennis en competenties) of door specifieke aspecten van de planvorming te financieren. Belangrijk aandachtspunt hierbij is het gezamenlijk ontwikkelen van mobiliteitsplannen. Ook omdat de Europese Commissie investeert in negen vervoerscorridors voor een slim en duurzaam aaneengesloten Europees transportnetwerk (TEN-T), waarvan er twee door Gelderland lopen.

5. Gebruik de energie en betrokkenheid van de eigen medewerkers

Medewerkers van de programma’s zijn enthousiast en betrokken. Die energie willen we gebruiken! Door met elkaar in gesprek te gaan over overlap in onderwerpen en keuzes. Zo kunnen we de bekendheid en het draagvlak over thema’s als ITS en gedrag vergroten. Het organiseren van kennissessies via bestaande platforms kan hieraan bijdragen. Zo organiseert de provincie vanuit het Gelders Platform Milieu op donderdag 9 november 2017 een sessie over de toekomst van mobiliteit.

Hoe verder? Leidraad is de Koersnotitie ‘nieuwe mobiliteit’

"De recente Koersnotitie Slimme Mobiliteit van de provincie is leidraad voor onze vervolgaanpak", vervolgt Van Hees. "Deze koersnotitie wordt nu verder vertaald naar een concrete Werkagenda tot 2021. Daarin leggen we de verbinding tussen slimme mobiliteit en andere visies (zoals OV-visie, Wegennetvisie en Fietsvisie). Ook is slimme samenwerking tussen overheden, kennisinstellingen en bedrijven nodig. Daar zetten we graag samen met onze partners op in!"